-
vrijdag 6 maart 2026
vrijdag 27 februari 2026
Door de vele afmeldingen bleef er op vrijdagavond 27 februari slechts een handjevol schakers over in de tuinzaal. Geen volle speelavond dus, maar dat betekent zelden rustige partijen. Negen spelers namen plaats achter het bord en om kwart voor acht kon de strijd beginnen.
| Auke Wouda (W) - Martijn van Duijn (Z) |
| Chris Draijer (W) - Kevin Schouten (Z) |
| Sjors Boersma (Z) - Mick Schouten (W) |
Mick Schouten kreeg tegen Sjors Boersma een Siciliaan tegenover zich en koos voor de gesloten variant met de bekende Grand Prix Attack. Met f4 op het bord ontstond direct initiatief en volgens de computer kreeg Mick in het middenspel zelfs een winnende stelling. Maar de computer mag je tijdens de partij niet gebruiken. Ergens onderweg glipte de winst uit zijn handen en bleef een ogenschijnlijk gelijk eindspel over. Toen Mick vervolgens één schaakje over het hoofd zag, was het meteen klaar: een dubbele aanval op koning en toren besliste de partij. Sjors pakte het punt, Mick bleef achter met het gevoel dat hier meer in had gezeten.
| Jan Brinkman (Z) - Herman Beks (W) |
De koploper ging ten onder maar wel op zijn eigen, eervolle manier.
| Trienke Wijmenga (W) - Martijn van Duijn (Z) |
Met twee overwinningen op één avond slaat Martijn een
belangrijke dubbelslag en neemt hij de koppositie over in de competitie.
Tot volgende week!
Verslag
Kevin Schouten
vrijdag 20 februari 2026
De verslaggever had deze avond een stagiair: broer Mick.
Want die was zelf vroeg klaar…
| Mick Schouten (W) - Auke Wouda (Z) |
Mick wint vóór negen uur, neemt de rol van rondkijker
over en nestelt zich nadrukkelijk in de buurt van de toppers.
| Chris Draijer (Z) - Douwe Tjerkstra (W) |
Douwe Tjerkstra mocht met wit aantreden tegen nummer twee
Chris Draijer. Douwe zette het deftig op met twee fianchetto’s en kreeg een
Slavische (of iets wat daarop leek) verdediging tegenover zich. Er werd
afgeruild, het bleef in balans. Douwe leek zelfs een klein plusje te hebben.
Dames werden niet geruild toen Chris dat voorstelde, verstandig. Maar in een
stelling met dames en lopers van gelijke kleur voelt Chris zich thuis. Hij
begon vragen te stellen. Douwe deed één verzwakkende zet en Chris strafte het
meteen af. Dame geven of mat gaan. Douwe koos optie drie: opgeven.
Chris blijft in het spoor van de koploper.
| Jan Brinkman (W) - Cornelis Jellema (Z) |
Jan wint en blijft overtuigend koploper.
| Trienke Wijmenga (Z) - Herman Beks (W) |
Herman Beks speelde simultaan tegen Henk Breimer en Trienke Wijmenga. Dat doe je niet als je uit vorm bent. Tegen Trienke (1.e4) werd het centrum gesloten en ontstond strijd op de koningsvleugel zonder rokades. Trienke wist knap een stuk te winnen, maar Herman had simpelweg actievere stukken. Met een tussenschaak won hij het materiaal terug. Na een eerder afgewezen remiseaanbod ging Trienke uiteindelijk mat.
| Herman Beks (W) - Henk Breimer (Z) |
1½ punt voor Herman, die zich daarmee bij de top drie voegt.
| Martijn van Duijn (Z) - Kevin Schouten (W) |
Kevin Schouten mocht het opnemen tegen clubkampioen
Martijn van Duijn. Kevin opende met 1.d4 en er volgde geen vlekkeloze opening
van beide kanten. Martijn ruilde zijn loper voor een paard van Kevin en het
middenspel bleef in evenwicht.
Tot Martijn op de damevleugel een onnauwkeurige zet
speelde. Kevin pakte twee pionnen en de stelling knalde open. Het werd scherp.
Martijn stormde met zijn g-pion naar voren en creëerde genoeg dreiging om een
pion terug te winnen. Na verdere afruil bood Kevin remise aan. Martijn
accepteerde.
Een halfje voor beiden in een partij die alle kanten op kon.
| Sjors Boersma (Z) - Ayelt van Zuiden (W) |
Ayelt pakt alsnog het volle punt.
Stand van zaken
Bovenin blijft het ongekend spannend. Jan voert de lijst
aan, Chris, Martijn en Herman volgen, en ook daarachter zit het dicht op
elkaar. Ayelt heeft weer wat aansluiting bij de subtop en Mick zit de toppers
op de hielen.
Tot volgende week!
Verslag: Kevin & Mick Schouten
zondag 15 februari 2026
vrijdag 13 februari 2026
| Cornelis Jellesma (Z) - Herman Beks (W) |
| Trienke Wijmenga (W) - Sjors Boersma (Z) |
| Auke Wouda (W) - Kevin Schouten (Z) |
| Mick Schouten (Z) - Chris Draijer (W) |
| Martijn van Duijn (Z) - Henk Breimer (W) |
Martijn blijft daarmee stevig meedoen om het kampioenschap.
| Jelle Jeltema (Z) - Jan Brinkman (W) |
dinsdag 10 februari 2026
Na de keurige overwinning van Rijs 1 was het nu de beurt
aan Rijs 2 om de punten binnen te halen. De koppositie stond op het spel, dus
punten morsen was eigenlijk geen optie.
Aan ons de taak om het goede voorbeeld
van het eerste te volgen.
Opstelling:
Bord 1 Herman Beks (1794) – Jelmer de Goede (1565)
Bord 2 Gerrit Schoenmaker (1598) – Kevin Schouten (1784)
Bord 3 Mick Schouten (1542) - Bert Dassen (1510)
Bord 4 Peter van der Weij (1552) – Trienke Wijmenga (1663)
Met op ieder bord een hogere elo leek het alsof we overal een klein voordeel hadden. Maar ja… papier schaakt niet.
| Bord 2: Gerrit Schoenmaker (1598) – Kevin Schouten (1784) |
Kevin Schouten was dan wel als eerste klaar, al ging dat
niet zonder slag of stoot.
Na 1.Pf3 bouwde hij rustig een slavische verdediging op.
De opening kabbelde voort en na wat afruilen was het onduidelijk wie beter
stond. Een paar wat mysterieuze wachtzetten gaven Gerrit zelfs een klein
plusje. Maar toen gaf Gerrit Schoenmaker plotseling zijn loper weg. Een
cadeautje. Kevin ging vervolgens zó nonchalant met dat cadeau om dat hij net zo
makkelijk een belangrijke centrumpion teruggaf. Even leek het weer spannend.
Gerrit pakte zelfs een tweede pion en zette druk. Toen dacht Gerrit ook Kevin
zijn paard te winnen maar dat had Kevin wel gezien… Een tussenschaakje later
stonden er twee torens tegen één toren op het bord. Dat verhaal kent maar één
einde.
En dit was gewoon de partij van de avond.
| Bord 3: Mick Schouten (1542) - Bert Dassen (1510) |
Mick, kreeg na 1.e4 een Franse verdediging voorgeschoteld. Maar van een verrassing was geen sprake. Mick kende zijn theorie. Toen Bert een pion probeerde te snoepen, begon het spektakel.
Paard naar h7!! Een offer.
Koning naar buiten gelokt en de loper er achter aan. Stukken vlogen over het
bord alsof het blitz was. We keken elkaar aan met die bekende blik: dit
kan toch niet allemaal kloppen? Maar het klopte dus wél. Het was geen
gok of trucje het was gewoon goed. Heel goed. Mick rekende alles door, won zijn
materiaal met rente terug en liet daarna geen spaan heel van de stelling van
Bert. Pionnen verdwenen, velden stortten in en het eindspel was technisch
simpel gewonnen. Dit was niet zomaar een overwinning.
Dit was zo’n partij waar je later nog even de notatie van wilt zien.
Briljant gespeeld.
2-0
| Bord 4: Peter van der Weij (1552) – Trienke Wijmenga (1663) |
Op bord 4 zag het er minder rooskleurig uit. Trienke stond een kwaliteit achter en haar tegenstander leek het makkelijkere spel te hebben. Zo’n stelling die je normaal gesproken langzaam ziet wegglippen. Maar opgeven? Dat woord staat niet in haar woordenboek.
Ze bleef actief, bleef vragen stellen, sprokkelde
pionnetjes bij elkaar en maakte het haar tegenstander zo lastig mogelijk. Toen
de verslaggever even ergens anders keek en terugkwam, stond er ineens… een
dame. Trienke had doodleuk een toren gewonnen en het eindspel compleet
omgedraaid. Van verloren naar gewonnen. Pure vechtlust.
3-0!
Langzaam begon het te kriebelen: zou het…?
Bord 1 Herman Beks (1794) – Jelmer de Goede (1565) |
Herman, maandag nog de man van de Siciliaan, mocht nu zelf tegen de Siciliaan spelen. Jelmer de Goede bood taai weerstand en lang bleef het middenspel in balans.
Bij 2-0 bood Herman nog remise aan. Rijs was dan
verzekerd van winst. Jelmer weigerde. Toen het 3-0 werd, veranderde de sfeer.
Herman besloot dat de avond misschien wel een gouden randje verdiende. Jelmer
verbruikte veel tijd en ging in tijdnood mis bij een afruil: hij dacht twee
stukken te winnen tegen een toren. Verkeerd gerekend. Hij gaf kwaliteit weg.
Herman rook bloed, zette een matnet op en toen Jelmer
alsnog remise aanbood, was het te laat. Even later gaf hij op.
Nog één avond scherp blijven… en dan zou het zomaar eens een heel mooi seizoen
kunnen worden.
Verslag: Kevin Schouten
maandag 9 februari 2026
Maandag 9 februari 2026 stond voor het eerste team van Rijs een belangrijke uitwedstrijd op het programma tegen SC O.D.I. in Workum. Op papier leek er een klein voordeel voor Rijs: bij de thuisploeg ontbrak topspeler Cedric de Jong (1868 elo).
Opstelling:
Bord 1 – Martijn van Duijn – Pieter de Boer
Bord 2 – Tom Houtsma – Chris Draijer
Bord 3 – Jan Brinkman – Martin Versteege
Bord 4 – Albert van der Kloet – Herman Beks
Het beloofde een spannende avond te worden. En dat werd
het ook.
| Bord 4: Albert van der Kloet (1688) - Herman Beks (1794) 0-1 |
Na 1.e4 koos hij voor een Siciliaan. Al vroeg in de
opening verscheen er een vervelende penning op het bord waar zijn tegenstander
niet goed mee omging. Herman snoepte een pion mee en sprong meteen met zijn
paard de stelling binnen. Even later volgde pion nummer twee.
In het middenspel kwam er na een dameruil nóg een pion
bij.
De stelling van Albert van der Kloet kraakte aan alle kanten.
Een poging
om met de koning richting de vrijpionnen te lopen bleek juist funest: hij liep
recht het arsenaal van Herman in.
Een overtuigende partij en een vroege 1-0 voorsprong voor
Rijs.
Altijd lekker beginnen.
| Bord 3: Jan Brinkman (1786) - Martin Versteege (1810) 1/2 - 1/2 |
Dames van het bord, pion weg… dat zag er even zorgelijk uit.
Jan gooide er een paard tegenaan. Of het helemaal correct
was? Dat laten we aan de engines over. Het zag er in ieder geval gevaarlijk
uit. Zijn tegenstander koos eieren voor zijn geld, rokeerde lang en Jan won
zijn pion terug.
Wat overbleef was een droge stelling met licht initiatief
voor Jan, maar zonder echte kansen. De vrede werd getekend. 1½-½ voor Rijs.
_____________________________________________________________________________
| Bord 2: Tom Houtsma (1702) - Chris Draijer (1796) 1/2-1/2 |
Stapje voor stapje schoof hij zijn stelling naar voren.
De f-pion rukte op naar f4, velden werden veroverd en Tom Houtsma kwam steeds
krapper te staan. Er dreigde van alles en veel “logische” zetten bleken ineens
helemaal niet zo logisch meer.
Toen Tom eindelijk dacht dat vervelende paard te
kunnen ruilen, zette Chris er nog een gemene penning op. Resultaat: een
kwaliteit winst. Vanaf dat moment speelde Chris vooral op controle. Hij wist:
dit kan ik niet meer verliezen. Met minimaal remise in de pocket hield hij een
schuin oog op bord 1.
| Bord 1: Martijn van Duijn (1886) - Pieter de Boer (1819) 1/2-1/2 |
Martijn kwam iets prettiger uit de opening, maar het
voordeel was klein. Pieter bood remise aan, Martijn wees dat eerst af en
probeerde nog wat te drukken.
De stelling was ontzettend taai en er leek niets
concreets op het bord te zijn. Ondertussen fluisterde Chris dat een half punt
genoeg zou zijn voor de teamwinst.
Martijn bood alsnog remise aan. Geaccepteerd. Vrijwel
direct daarna schoof ook Chris de hand naar voren.
_____________________________________________________________________________
Met deze belangrijke uitzege op zak lijkt de
kampioenskraker tegen Lemmer 1 steeds dichterbij te komen. En als deze vorm
wordt vastgehouden, belooft dat nog wat